Statenvertaling (1637)Old Testament
Spreuken
31 chapters
chapters
- 1De spreuken van Salomo, den zoon van David, den koning van Israel…
- 2Mijn zoon! zo gij mijn redenen aanneemt, en mijn geboden bij u weglegt…
- 3Mijn zoon! vergeet mijn wet niet, maar uw hart beware mijn geboden.
- 4Hoort, gij kinderen! de tucht des vaders, en merkt op, om verstand te…
- 5Mijn zoon! merk op mijn wijsheid, neig uw oor tot mijn verstand…
- 6Mijn zoon! zo gij voor uw naaste borg geworden zijt, voor een vreemde uw…
- 7Mijn zoon, bewaar mijn redenen, en leg mijn geboden bij u weg.
- 8Roept de Wijsheid niet, en verheft niet de Verstandigheid Haar stem?
- 9De opperste Wijsheid heeft Haar huis gebouwd; Zij heeft Haar zeven…
- 10De spreuken van Salomo. Een wijs zoon verblijdt den vader; maar een zot…
- 11Een bedriegelijke weegschaal is den Heere een gruwel; maar een volkomen…
- 12Wie de tucht liefheeft, die heeft de wetenschap lief; maar wie de…
- 13Een wijs zoon hoort de tucht des vaders; maar een spotter hoort de…
- 14Elke wijze vrouw bouwt haar huis; maar die zeer dwaas is, breekt het af…
- 15Een zacht antwoord keert de grimmigheid af; maar een smartend woord doet…
- 16De mens heeft schikkingen des harten; maar het antwoord der tong is van…
- 17Een droge bete, en rust daarbij, is beter, dan een huis vol van…
- 18Die zich afzondert, tracht naar wat begeerlijks; hij vermengt zich in…
- 19De arme, in zijn oprechtheid wandelende, is beter dan de verkeerde van…
- 20De wijn is een spotter, de sterke drank is woelachtig; al wie daarin…
- 21Des konings hart is in de hand des Heeren als waterbeken. Hij neigt het…
- 22De naam is uitgelezener dan grote rijkdom, de goede gunst dan zilver en…
- 23Als gij aangezeten zult zijn om met een heerser te eten, zo zult gij…
- 24Zijt niet nijdig over de boze lieden, en laat u niet gelusten, om bij…
- 25Dit zijn ook spreuken van Salomo, die de mannen van Hizkia, den koning…
- 26Gelijk de sneeuw in den zomer, en gelijk de regen in den oogst, alzo…
- 27Beroem u niet over den dag van morgen; want gij weet niet, wat de dag…
- 28De goddelozen vlieden, waar geen vervolger is; maar elk rechtvaardige is…
- 29Een man, die, dikwijls bestraft zijnde, den nek verhardt, zal schielijk…
- 30De woorden van Agur, den zoon van Jake; een last. De man spreekt tot…
- 31De woorden van de koning Lemuel; de last, maarmede zijn moeder hem…